Katten zijn nieuwsgierige eters, maar dat betekent niet dat alles wat zij interessant vinden ook geschikt voor hen is. Hun lichaam is gebouwd op een voeding met dierlijke eiwitten, voldoende vocht en een nauwkeurige balans van vitaminen en mineralen. Een klein hapje van de verkeerde maaltijd kan al maagklachten veroorzaken, terwijl sommige alledaagse voedingsmiddelen zelfs giftig zijn. Wie zich afvraagt wat een kat mag eten, doet er daarom goed aan onderscheid te maken tussen complete kattenvoeding, geschikte extraatjes en producten die beter volledig worden vermeden.
De basis: complete voeding voor katten
De veiligste dagelijkse keuze is kattenvoer dat als volledige voeding is samengesteld. Natvoer bevat relatief veel vocht en kan daarom helpen bij katten die uit zichzelf weinig drinken. Droogvoer is langer houdbaar en gemakkelijk af te meten, maar er moet altijd vers drinkwater beschikbaar zijn. De verpakking vermeldt meestal voor welke levensfase het voer bedoeld is: kitten, volwassen kat of senior. Die aanduiding is belangrijk, omdat een groeiend dier andere hoeveelheden energie, eiwitten en mineralen nodig heeft dan een oudere kat.
Een kat is een obligate carnivoor. Dat houdt in dat dierlijke ingrediënten een centrale plaats in haar voeding innemen. Katten hebben onder andere taurine, bepaalde aminozuren en vitamine A uit dierlijke bronnen nodig. Een zelf samengesteld menu met alleen vlees is daarom niet automatisch gezond. Zonder deskundige berekening kunnen tekorten aan calcium, taurine of andere voedingsstoffen ontstaan. Geef zelfgemaakte maaltijden alleen op advies van een dierenarts of veterinair voedingsdeskundige.
Een eenvoudige vuistregel is dat extra voedsel samen niet meer dan ongeveer tien procent van de dagelijkse calorieën levert. Zo blijft de hoofdvoeding in balans en wordt overgewicht voorkomen. Weeg porties af wanneer een kat snel aankomt, en houd rekening met snoepjes in de totale hoeveelheid. Een kat die minder beweegt, gesteriliseerd is of medicijnen gebruikt, kan bovendien een aangepaste portie nodig hebben.
Welke extra voedingsmiddelen zijn meestal geschikt?
Sommige katten mogen naast hun gewone voer een kleine hoeveelheid eenvoudig bereid voedsel krijgen. Kies altijd voor ongekruide producten, zonder saus, boter, olie of zout. Een nieuw voedingsmiddel wordt het best eerst in een minieme portie aangeboden. Let daarna op braken, diarree, jeuk of een opgeblazen buik. Bij klachten stop je ermee en neem je bij aanhoudende symptomen contact op met de dierenarts.
Een overzicht van wat mag een kat eten is vooral nuttig wanneer je wilt bepalen welke menselijke hapjes in een kleine portie verantwoord zijn. Geschikte opties kunnen bijvoorbeeld zijn:
- Gekookte kip of kalkoen zonder vel, botten, kruiden en marinade.
- Gegaarde vis zonder graten, zoals kabeljauw of een klein stukje zalm, bij voorkeur niet gerookt en niet gezouten.
- Een beetje volledig doorbakken ei, zonder olie of kruiden.
- Kleine stukjes gekookte wortel, courgette of pompoen, als de kat dit goed verdraagt.
- Een klein beetje gekookte rijst, alleen als aanvulling en niet als vervanging van vleesrijke voeding.
Rauw vlees en rauwe vis lijken natuurlijk, maar brengen risico’s op bacteriën en parasieten met zich mee. Ook kunnen sommige rauwe vissoorten de beschikbaarheid van vitamine B1 beïnvloeden wanneer ze vaak worden gegeven. Wie rauwe voeding overweegt, moet daarom bijzonder hygiënisch werken en het menu professioneel laten samenstellen. Melk is evenmin een noodzakelijke traktatie. Veel volwassen katten maken weinig lactase aan en krijgen van gewone melk diarree. Water blijft de beste drank.
Let ook op de vorm waarin je eten geeft. Gekookte botten kunnen splinteren en letsel in de mond of het darmkanaal veroorzaken. Grote, harde stukken kunnen verstikking of een blokkade veroorzaken. Snijd een toegestane traktatie in kleine hapjes en blijf in de buurt wanneer een kat iets nieuws eet. Geef nooit een snack die zo groot is dat de kat hem haastig moet doorslikken.
Wat mag een kat beslist niet eten?
Verschillende producten die voor mensen normaal zijn, kunnen voor katten gevaarlijk zijn. Ui, knoflook, prei en bieslook kunnen rode bloedcellen beschadigen; dat geldt ook wanneer ze verwerkt zijn in saus, bouillon, kruidenmix of babyvoeding. Chocolade en cafeïne kunnen het zenuwstelsel en het hart belasten. Druiven en rozijnen worden in verband gebracht met ernstige nierproblemen. Alcohol, rauw gistdeeg en producten met de zoetstof xylitol horen eveneens absoluut niet in de buurt van een kat.
Vermijd daarnaast sterk gezouten vleeswaren, gerookte vis, gekruide restjes, vette jus en gefrituurd eten. Zulke producten kunnen dorst, maag-darmklachten of problemen met de alvleesklier veroorzaken. Lever mag hooguit zeer zelden en in een kleine hoeveelheid worden gegeven, omdat een teveel aan vitamine A schadelijk kan zijn. Tonijn uit blik voor mensen is geen volwaardige kattenmaaltijd en bevat vaak te veel zout; gebruik het hoogstens uitzonderlijk en kies liever een product dat speciaal voor katten is gemaakt.
Een extra risico ontstaat doordat katten soms voedsel uit verpakkingen, afvalbakken of planten eten. Bewaar chocolade, medicijnen, schoonmaakmiddelen en voedingssupplementen afgesloten. Controleer ook kamerplanten: lelies zijn bijzonder gevaarlijk voor katten en kunnen al in kleine hoeveelheden ernstige nierschade veroorzaken. Neem bij twijfel meteen contact op met een dierenarts en probeer niet zelf braken op te wekken.
Veilig voeren in de dagelijkse praktijk
Maak vaste eetmomenten en serveer porties die passen bij het gewicht, de leeftijd en de activiteit van de kat. Een keukenweegschaal is betrouwbaarder dan een volle hand voer. Houd de voerbak schoon en geef natvoer niet urenlang op kamertemperatuur. Meerdere waterbakken op rustige plaatsen kunnen helpen om meer drinken te stimuleren. Sommige katten drinken liever uit een brede bak of een drinkfontein, maar ook dan moet het water dagelijks worden ververst.
Let op signalen van een probleem. Herhaald braken, waterige diarree, sloomheid, trillen, benauwdheid, een pijnlijke buik of plotseling veel drinken vraagt om snelle veterinaire beoordeling. Bij mogelijk eten van ui, chocolade, lelies, medicijnen of een andere giftige stof is wachten onverstandig, ook als de kat nog normaal lijkt. Noteer wat er is gegeten, hoeveel en wanneer; die informatie helpt de dierenarts bij de beoordeling.
De beste aanpak is dus eenvoudig: geef complete kattenvoeding als basis, gebruik ongekruide dierlijke producten slechts als kleine traktatie, introduceer nieuwe voedingsmiddelen rustig en houd risicovolle producten volledig buiten bereik. Zo blijft een nieuwsgierige kat veilig, krijgt zij voedingsstoffen die werkelijk nodig zijn en blijft een extra hapje een plezier in plaats van een gezondheidsrisico.
